Een nieuw onderzoek van de Universidad de Alicante laat zien dat Spanje steeds verder achteruitgaat door droogte, slecht landgebruik en klimaatverandering. In de eerste ‘Atlas van de Woestijnvorming’ in Spanje staat dat ruim 43 procent van het land al duidelijk is aangetast. Dat betekent dat de bodem, het water of de natuur ernstig achteruitgaan.
Het gaat daarbij niet alleen om gebieden die langzaam in een woestijn veranderen. Ook plaatsen waar het grondwater slinkt, planten verdwijnen of de bodem minder vruchtbaar wordt, tellen mee. In totaal gaat het om meer dan 200.000 vierkante kilometer. Dat is bijna de helft van het hele land.
De situatie is nog zorgwekkender in de droge zones van Spanje. Daar is meer dan 60 procent al in staat van woestijnvorming. Deze gebieden worden steeds droger, terwijl ze juist heel afhankelijk zijn van regen en een stabiel ecosysteem.
Volgens de onderzoekers komt dit vooral door klimaatverandering. Spanje krijgt minder regen, de temperaturen stijgen en periodes van hitte worden langer. Tegelijkertijd wordt het land op veel plekken intensief gebruikt, bijvoorbeeld voor grote landbouwprojecten die veel water vragen of door overmatig gebruik van grondwater.
De nieuwe atlas bevat 66 kaarten die laten zien waar de problemen het grootst zijn. Ze tonen onder andere hoe de bodem verandert, hoeveel biodiversiteit verloren gaat en waar de druk van de bevolking het hoogst is. De onderzoekers hopen dat overheden deze informatie gebruiken om snel maatregelen te nemen.
Zij benadrukken dat woestijnvorming een van de grootste uitdagingen van Spanje is voor de komende jaren. Zonder ingrijpen kan het land nog verder verdrogen, met grote gevolgen voor natuur, landbouw en watertekorten.


Español
English
Deutsch
Français
Português
Italiano