Steeds meer Spanjaarden kiezen voor private zorgverzekering: en Nederlanders en Belgen?
Zoals bekend heeft Spanje grof gezegd twee gezondheidssystemen: de openbare of publieke zorg en de private of privézorg. Terwijl van het openbare gezondheidssysteem gezegd wordt dat het uitstekend is en het vaak in de internationale pers geprezen wordt, vaak ook omdat het lijkt dat het gratis is, is de realiteit vaak anders in Spanje. Ook Nederlanders en Belgen die in 2026 in Spanje wonen, hebben te maken met deze tweestrijd: kies je voor publieke of private zorg? Als je voor privé gaat, ben je in Spanje niet de enige, zo blijkt uit de cijfers.
De private gezondheidszorg in Spanje is de afgelopen vijf jaar flink gegroeid. Waar in 2020 nog zo’n 11 miljoen mensen een private zorgverzekering hadden, waren dat er in 2025 al 12,8 miljoen. Dat zijn er 1,8 miljoen meer, inclusief de zogenoemde mutualismo administrativo (verzekering voor ambtenaren). De groei zet jaar na jaar door, en het einde is nog niet in zicht.
Die cijfers komen uit het jaarlijkse onderzoeksrapport van de Fundación IDIS (Fundación Instituto para el Desarrollo e Integración de la Sanidad), een denktank die de private zorgsector in kaart brengt. Wat zijn de drijfveren achter die opmars? En betekent dit dat toegang tot goede zorg in Spanje steeds meer afhangt van wat je kunt betalen?
De private zorg neemt een steeds groter deel van de markt over
De groei gaat verder dan puur het aantal verzekerden. De private sector verwerkt inmiddels 30 tot 40 procent van alle zorghandelingen in Spanje. Concreet: in 2023 vonden meer dan 35,7 miljoen consulten plaats in private klinieken en ziekenhuizen: dat is bijna 30 procent van het totaal. De sector voerde 2,28 miljoen operaties uit en behandelde 10,7 miljoen spoedgevallen. De totale private zorguitgaven bedroegen 37 miljard euro, bijna 2,5 procent van het Spaanse bruto binnenlands product.
Regionale verschillen zijn groot. Madrid loopt voorop met een penetratiegraad van 37 procent, gevolgd door Catalonië (31%) en de Balearen (30,9%). Dat zijn precies de regio’s waar ook de meeste Nederlanders en Belgen wonen of verblijven. Wie als expat of gepensioneerde in deze gebieden woont, heeft dus een relatief grote kans dat zijn arts of specialist werkt vanuit een privékliniek en dat consulten en behandelingen niet automatisch via het Spaanse publieke systeem lopen.
Wie snel geholpen wil worden, betaalt dubbel
Sergio Fernández, woordvoerder van de federatie van verenigingen voor de verdediging van de publieke gezondheidszorg, ziet de groeicijfers als een alarmsignaal. Volgens hem kiest niemand vrijwillig voor een private polis als het publieke systeem naar behoren functioneert. “Wie snel geholpen wil worden, betaalt uiteindelijk twee keer: via belastingen én via de polis.”
Hij wijst de overheid en de regionale overheden aan als aanjagers van de privatisering. De private sector ontvangt grote bedragen aan publiek geld via conciertos (samenwerkingscontracten tussen overheid en private zorgaanbieders) en uitbestedingen. “De privésector pikt de winstgevende zorg eruit, terwijl het publieke systeem de dure en complexe gevallen opvangt”, volgens Fernández.
Zorgverleners zien het dagelijks in de praktijk
Guillén del Barrio, verpleegkundige op de spoedeisende hulp van het Hospital Universitario La Paz in Madrid, herkent het patroon. “De ziekenhuizen zaten al aan hun limiet, en nu behandelen we nog zwaardere patiënten. De wachtlijsten groeien en de spoedhulp raakt overbelast. Dat meer mensen een private verzekering nemen, komt grotendeels doordat het systeem hen wegduwt.”
Hij wijst op een minder zichtbare kant van het verhaal: de kosten van een private polis stijgen fors met de leeftijd. “Op je dertigste kost zo’n polis misschien 40 euro per maand, op je zeventigste kan dat oplopen tot 350 euro. En na een ernstige ziekte schieten de premies omhoog.” Wie dan geen polis meer kan betalen, valt alsnog terug op het publieke systeem.
De branche ziet het anders
Marta Villanueva, directeur van de Fundación IDIS, erkent tegenover het Spaanse nieuwsmedium Público dat lange wachttijden in het publieke systeem mensen richting private zorg duwen. Maar ze benadrukt ook dat een groot deel van de verzekerden bewust voor een private polis kiest. “Zo’n 13 miljoen mensen betalen hun verzekering vrijwillig.”
Volgens haar ontlast de private sector het publieke systeem: 30 tot 40 procent van de zorg die in private handen plaatsvindt, vermindert de druk op publieke ziekenhuizen en verkort wachttijden voor iedereen. Ze pleit voor een geïntegreerd model, waarin publiek en privaat samenwerken binnen een stabiel juridisch kader.
Voor Nederlanders en Belgen die in Spanje wonen of overwegen te emigreren, is de boodschap helder: een private zorgverzekering is in regio’s als Madrid, Catalonië, Valencia-regio, Canarische Eilanden, Andalusië en de Balearen bijna standaard geworden. Maar wie op oudere leeftijd of na ziekte de premies niet meer kan opbrengen, merkt dat het publieke vangnet er nog steeds is.
Blijf SpanjeVandaag volgen! Vond je dit een interessant artikel? Voeg ons toe als voorkeursbron op Google Nieuws, meld je aan voor de dagelijkse nieuwsbrief of volg ons op WhatsApp en Facebook. Zo mis je nooit de belangrijkste updates uit jouw favoriete regio in Spanje.