Twee bergwegen voor slow driving: de Cañón de Añisclo in Huesca en de Desfiladero de la Hermida in Cantabrië
De Cañón de Añisclo in de Pyreneeën van Huesca en de N-621 door de Desfiladero de la Hermida tussen León en Cantabrië gelden als twee van de mooiste rijroutes van Noord-Spanje. Beide wegen dwingen je vanzelf tot langzaam rijden.
Wie met de auto of camper door Noord-Spanje trekt, komt vroeg of laat de term carreteras secundarias (secundaire wegen) tegen. Dat zijn de smalle bergwegen die je nergens snel brengen, maar juist daarom de mooiste ervaring bieden. De HU-631 door de Añisclo-kloof in Aragón en de N-621 door het Hermida-ravijn tussen Cantabrië en León behoren tot de bekendste voorbeelden.
Beide routes liggen in dunbevolkte berggebieden, ver van de drukke kust, en zijn vooral in het voor- en najaar aan te raden. Wie in de zomer rijdt, doet er goed aan vroeg te vertrekken, want beide wegen zijn smal en trekken in juli en augustus veel verkeer.
Wat maakt de weg door de Cañón de Añisclo zo bijzonder?
De HU-631 begint bij het dorpje Escalona, in de comarca Sobrarbe, en voert je via een enkele rijstrook de kloof in die door de rivier Bellós is uitgesleten. De weg loopt tussen loodrechte rotswanden door en geeft toegang tot het Nationaal Park Ordesa y Monte Perdido, sinds 1997 UNESCO Werelderfgoed. Onderweg passeer je de samenvloeiing van de rivieren Yesa en Bellós en het dorpje Puyarruego, met zijn eeuwenoude kerk.
Het bijzondere aan deze weg is dat hij maar één kant op te berijden is. Wie helemaal tot de parking bij San Úrbez rijdt, moet terug via Buerba en Vió, of via Fanlo naar Sarvisé. Precies dat maakt de route zo rustig: er komt geen tegemoetkomend verkeer aan.
De kloof staat ook bekend als de Ruta de los Reyes de Aragón, een van de tien mooiste autoroutes van Spanje volgens SpanjeVandaag. Toch is de weg niet altijd berijdbaar. Door rotsval en winterschade werd de HU-631 de afgelopen jaren herhaaldelijk maandenlang gesloten, zoals dit voorjaar toen de weg vlak voor Pasen weer open ging. Voor wie de reis plant, loont het dus de moeite om vooraf de actuele status te checken. Het startpunt ligt vlak bij Aínsa, een van de mooiste middeleeuwse dorpen van Spanje, en sluit goed aan op de langere Pyreneeënroute over de N-260, waarvan ook het traject bij Campo de afgelopen jaren flink is verbeterd.
Waarom geldt de N-621 door de Hermida als een van de langste kloofwegen van Spanje?
De N-621 verbindt León via Potes met Santander en voert je, ter hoogte van Castro Cillórigo, het twintig kilometer lange Hermida-ravijn in. De weg volgt de rivier Deva, die de kloof in de loop van miljoenen jaren heeft uitgesleten tussen kalkstenen wanden van meer dan zeshonderd meter hoog. Het maakt de Desfiladero de la Hermida tot de langste kloof van Spanje.
De weg is smal, met stukken van amper zes meter breed, en telt meer dan 170 bochten met een straal kleiner dan honderd meter. Spanje voert al jaren renovatiewerken uit om de weg veiliger te maken zonder het landschap aan te tasten, wat betekent dat je onderweg regelmatig tijdelijke wegwerkzaamheden kunt tegenkomen.
Voor Nederlandse en Belgische reizigers is dit stuk goed te combineren met een bezoek aan de Picos de Europa, het bergmassief dat zich vanaf Panes noordwaarts uitstrekt. Vanaf Santander is de rit richting Potes ruim anderhalf uur, wat de route uitstekend geschikt maakt als tussenstop op weg naar Asturië. Wie op zoek is naar nog meer bochtige bergwegen in de Pyreneeën, vindt die bijvoorbeeld in de 24 bochten van de C-1412b in Lleida, een route met een vergelijkbaar rustig en verrassend karakter.
Blijf SpanjeVandaag volgen! Vond je dit een interessant artikel? Voeg ons toe als voorkeursbron op Google Nieuws, meld je aan voor de dagelijkse nieuwsbrief of volg ons op WhatsApp and Facebook. Zo mis je nooit de belangrijkste updates uit jouw favoriete regio in Spanje.