De timing is niet echt geweldig, want precies op het moment dat miljoenen mensen zich klaarmaken voor de traditionele voorjaarsdrukte, schieten de dieselprijzen in Spanje naar het hoogste niveau voor een Semana Santa-vakantieweek in jaren tijd. En dat terwijl de overheid probeert om de brandstofprijzen laag te houden met diverse maatregelen.
Je merkt het meteen zodra je bij de pomp staat. Waar de prijzen maandenlang redelijk stabiel leken te blijven, is er nu plotseling een duidelijke stijging te zien. De echte boosdoener ligt echter grotendeels buiten de Spaanse grenzen. Internationale spanningen en geopolitieke conflicten jagen de olieprijzen flink omhoog, en die rekening krijg jij direct gepresenteerd tijdens het tanken.
“Het is bizar; je ziet de prijzen bijna per dag veranderen op de borden bij de tankstations.”
Als we kijken naar de laatste cijfers van het Europese Weekly Oil Bulletin, dan zien we dat de gemiddelde dieselprijs inmiddels op 1,883 euro per liter ligt. Dat is een forse sprong van maar liefst 32 procent sinds het conflict in het Midden-Oosten uitbrak. Benzine blijft helaas niet achter en is bijna 18 procent duurder geworden, met een gemiddelde prijs die nu rond de 1,733 euro per liter schommelt.
Dankzij de tijdelijke btw-verlaging die de Spaanse overheid hanteert, vallen de uiteindelijke bedragen aan de pomp gelukkig nog iets lager uit. In de praktijk betaal je daar nu gemiddeld 1,776 euro voor een liter diesel en 1,571 euro voor benzine. Maar laat je niet blindelings leiden door die getallen, want het zijn slechts gemiddelden. In de werkelijkheid kunnen de prijzen enorm verschillen per tankstation, per regio en zelfs per dag van de week.
Er zit gelukkig ook een kleine schrale troost in dit hele verhaal. Tanken in Spanje is namelijk nog altijd een stuk goedkoper dan in Nederland. In Nederland betaal je momenteel gemiddeld 2,475 euro voor een liter diesel en 2,346 euro voor benzine. Ook bij onze zuiderburen in België liggen de prijzen flink hoger dan in Spanje, met ongeveer 2,164 euro voor diesel en 1,801 euro voor benzine. Kijk je naar het brede Europese gemiddelde, dan kom je uit op 2,063 euro voor diesel en 1,893 euro voor een liter benzine.
Met andere woorden: het voelt ontzettend duur, en dat is het feitelijk ook, maar vergeleken met veel andere Europese landen valt het in Spanje relatief gezien nog wel mee.
“Vroeger was tanken in Spanje echt een cadeautje, maar nu voelt het als een serieuze aanslag op mijn vakantiebudget.”
De Spaanse regering heeft geprobeerd om de klap een beetje te verzachten. Denk aan de tijdelijke belastingverlagingen en extra steun voor de transportsector. Toch blijkt nu dat deze ingrepen simpelweg niet opgewassen zijn tegen de huidige prijsstijgingen. De krachten op de internationale markt blijken simpelweg te sterk om lokaal volledig te kunnen compenseren.
Wat ook meespeelt, is dat diesel in Spanje al veel langer gevoeliger is voor prijsschommelingen dan benzine. Dat heeft alles te maken met de enorme vraag vanuit de transportwereld en de logistieke sector. Zodra de olieprijs wereldwijd omhoog schiet, reageert de dieselprijs vaak veel sneller en heftiger. Dat is precies wat we op dit moment weer zien gebeuren.
Ondertussen begint de frustratie onder de bevolking flink te groeien. Niet alleen bij de gewone automobilist, maar zeker ook bij bedrijven die voor hun voortbestaan afhankelijk zijn van transport. Die hogere brandstofkosten werken namelijk overal in door: van de prijzen in de supermarkt tot de kosten voor je bezorgdiensten. Uiteindelijk betaalt iedereen de rekening, ook als je zelf bijna nooit achter het stuur zit.
De grote vraag is natuurlijk hoe lang deze situatie nog gaat aanhouden. Zolang de internationale onrust voortduurt, lijkt een snelle daling van de prijzen er helaas niet in te zitten. Voorlopig zullen Spaanse automobilisten en vakantiegangers dus rekening moeten houden met een prijzige Semana Santa, waarbij elke rit net even wat meer kost dan ze vooraf hadden gehoopt.


Español
English
Deutsch
Français
Português
Italiano