Meer dan honderd Spaanse steden hebben nog altijd geen lage-emissiezone ingevoerd, terwijl dit al sinds 1 januari 2023 wettelijk verplicht is. Het gaat om gemeenten met meer dan 50.000 inwoners. Toch blijkt uit recente cijfers dat maar een klein deel van deze steden zich daadwerkelijk aan de wet houdt.
Volgens gegevens van het Spaanse ministerie voor Ecologische Transitie hebben slechts 56 gemeenten een lage-emissiezone actief ingevoerd. Dat betekent dat ongeveer twee derde van de steden die zo’n zone móéten hebben, nog steeds achterloopt. In totaal gaat het om 109 steden waar de regels niet of nauwelijks worden toegepast.
Van deze groep zijn 89 steden wel bezig met plannen, maar is de invoering nog steeds niet afgerond. Nog eens 20 gemeenten hebben nauwelijks stappen gezet en staan officieel te boek als in afwachting. In de praktijk betekent dit dat vervuilende voertuigen daar gewoon blijven rondrijden, zonder beperkingen.
De lage-emissiezones die wél bestaan, beslaan samen een oppervlakte van ongeveer 821 vierkante kilometer. Dat is meer dan vorig jaar, maar de groei gaat traag. In ruim een jaar tijd is er slechts een beperkte uitbreiding bijgekomen, terwijl de wet al langer van kracht is.
De grootste zones zijn te vinden in Madrid en Barcelona. Madrid heeft met afstand de grootste lage-emissiezone van het land, gevolgd door Barcelona. In veel andere steden zijn de zones kleiner of nog helemaal niet ingevoerd.
Opvallend is dat juist grote steden zoals Valencia, Murcia, Las Palmas de Gran Canaria, Gijón en Vitoria hun verplichting nog steeds niet zijn nagekomen. In deze steden wonen honderdduizenden mensen die dagelijks te maken hebben met luchtvervuiling door verkeer.
Milieuorganisaties waarschuwen dat het uitstel niet zonder gevolgen is. Slechte luchtkwaliteit heeft directe impact op de gezondheid en kan Spanje ook problemen opleveren met Europese klimaatdoelen. In sommige gevallen lopen steden zelfs het risico Europese subsidies mis te lopen.


Español
English
Deutsch
Français
Português
Italiano