Spanje heeft een groot en veelzijdig spoorwegsysteem dat de afgelopen jaren ingrijpend is veranderd. De liberalisatie van het spoor, die eind 2020 volledig werd doorgevoerd, heeft gezorgd voor meer concurrentie, nieuwe treinmaatschappijen en scherpere prijzen voor reizigers.
Spanje beschikte lange tijd over een gesloten spoorwegmarkt, waarin het nationale spoorbedrijf Renfe vrijwel alle passagiersdiensten uitvoerde. Dat veranderde onder druk van Europese regelgeving, die landen verplichtte hun spoorwegnet open te stellen voor concurrentie. Hoewel de eerste stappen richting liberalisatie al vijftien jaar eerder werden gezet in het goederenvervoer, kwam de echte doorbraak voor reizigerstreinen pas aan het einde van 2020.
De infrastructuur van het Spaanse spoor, zoals rails, stations, wissels en seinen, is in handen van één publieke organisatie: Adif. Dit staatsbedrijf valt onder het Spaanse ministerie van Transport en is verantwoordelijk voor de aanleg, het onderhoud en de veiligheid van het volledige spoorwegnet. Treinmaatschappijen die gebruik willen maken van het netwerk betalen hiervoor een vergoeding, het zogenoemde spoorcanon. De hoogte van deze tarieven wordt gecontroleerd door de nationale mededingingsautoriteit.
Renfe is nog altijd de grootste speler op het Spaanse spoor. Het bedrijf exploiteert een breed aanbod aan diensten, variërend van forenzentreinen in en rond grote steden tot regionale verbindingen, langeafstandstreinen en hogesnelheidslijnen. Vooral het uitgebreide AVE-netwerk heeft Spanje internationaal op de kaart gezet als een van de landen met de beste hogesnelheidsinfrastructuur van Europa.
Sinds de liberalisatie zijn er echter ook nieuwe spelers actief. Particuliere bedrijven zoals Iryo en Ouigo rijden hogesnelheidstreinen op populaire trajecten, waaronder Madrid Barcelona en Madrid Andalusië. Deze bedrijven investeren in modern materieel en concurreren met Renfe op prijs, service en frequentie, wat voor reizigers meer keuze en vaak lagere tarieven betekent.
Binnen het spoorvervoer wordt onderscheid gemaakt tussen commerciële diensten en diensten met een openbare dienstverleningverplichting. Commerciële lijnen worden volledig door de markt bepaald. Regionale en lokale treinen vallen vaak onder overheidstaken en worden gesubsidieerd. In sommige autonome regio’s, zoals Catalonië en Baskenland, zijn deze verantwoordelijkheden overgedragen aan de regionale overheden.
Op het gebied van veiligheid maakt Spanje gebruik van moderne systemen, maar ook de spoorbreedte speelt daarbij een rol. Het traditionele Spaanse spoor gebruikt een bredere Iberische spoorbreedte dan de Europese standaard, wat historisch gezien invloed had op interoperabiliteit met andere landen. Nieuwe hogesnelheidslijnen zijn daarom aangelegd met standaard Europese spoorbreedte, zodat internationale treinen probleemloos kunnen rijden en moderne beveiligingssystemen eenvoudiger kunnen worden toegepast.
Ondanks de goede reputatie van het Spaanse spoor zijn er de afgelopen jaren ernstige incidenten geweest. De recente treinramp bij Adamuz in januari 2026 heeft opnieuw aangetoond dat voortdurende investeringen in veiligheid, onderhoud en personeel essentieel blijven, ook in een modern en goed ontwikkeld spoorwegsysteem.


Español
English
Deutsch
Français
Português
Italiano