Met de komst van 2026 is er opnieuw een update van minimumlonen binnen de Europese Unie. De nieuwste gegevens van Eurostat laten zien hoe de salarissen per land zich tot elkaar verhouden nadat Spanje zijn minimumloon heeft verhoogd naar 1.221 euro bruto per maand, verdeeld over veertien betalingen. Deze recente stijging van afgerond 4 procent wordt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari toegepast.
In Europa blijft Luxemburg de absolute koploper. Het minimumloon ligt daar met 2.704 euro duidelijk hoger dan in alle andere EU-landen. Daarna volgen landen zoals Ierland (2.391 euro), Duitsland (2.343 euro), Nederland (2.295 euro) en België (2.112 euro), waar werknemers met een minimumloon allemaal meer dan 2.000 euro bruto per maand verdienen.
Frankrijk zit net onder deze groep en komt uit op een minimumloon van ongeveer 1.800 euro bruto per maand. Daarmee staat het land tussen de absolute top en de landen met lagere minimumlonen in.
Spanje valt in de categorie tussen 1.000 en 1.499 euro. Omgerekend naar twaalf betalingen komt het Spaanse minimumloon uit op 1.424,5 euro bruto per maand. Daarmee staat Spanje aan de bovenkant van deze groep en voert het zelfs het middenblok van Europese landen aan.
In deze groep zitten ook landen zoals Slovenië, Litouwen, Polen en Cyprus. Deze landen hebben de afgelopen tijd flinke verhogingen doorgevoerd en lopen daarmee steeds verder in op de traditionele koplopers binnen Europa.
Toch blijft het minimumloon in Spanje onderwerp van discussie. De laatste verhoging werd doorgevoerd zonder akkoord van de werkgevers. Zij waarschuwen voor hogere kosten voor bedrijven, terwijl vakbonden juist wijzen op een betere koopkracht voor werknemers.
Al met al laat het overzicht van 2026 zien dat Europa verdeeld blijft in landen met zeer hoge minimumlonen en een groeiende middengroep. Spanje speelt daarin een sterke rol, maar de afstand tot de echte top blijft voorlopig bestaan.


Español
English
Deutsch
Français
Português
Italiano