We hebben er al eerder over geschreven: het box-3-effect bij Nederlanders. En nu blijkt opnieuw uit de cijfers dat Nederlanders inderdaad veel meer woningen kopen in Spanje dan in andere jaren. Laten we eens kijken naar de cijfers uit een recent onderzoek over het jaar 2025 en het aantal Nederlandse kopers vergelijken met andere nationaliteiten.
Een blik op die statistieken laat geen twijfel bestaan: buitenlanders in het algemeen zijn nog altijd zeer aanwezig op de woningmarkt in Spanje. Recent werd een opmerkelijke mijlpaal bereikt toen de grens van 100.000 verkochte woningen aan niet-Spanjaarden werd gepasseerd. In de meeste gevallen gaat het om een tweede verblijf aan de kust of op de eilanden.
De interesse komt uit diverse landen. Met name Britten en Nederlanders laten zich gelden en kiezen massaal voor zonnige streken zoals de Costa Blanca, de Costa del Sol en de Balearen. De motivatie is vaak simpel: ze zoeken rust, zonneschijn of een vaste plek om een deel van het jaar door te brengen. Het vakantiehuisje onder de Spaanse zon blijft onverminderd gewild.
Nederlanders kochten in totaal 6.153 woningen voor recreatief gebruik. Dat is een stijging van zo’n 24 procent vergeleken met een jaar eerder. Hiermee zitten ze Duitsland, met 6.359 woningen, flink op de hielen; het verschil bedraagt nog maar 200 huizen. Het Verenigd Koninkrijk voert de lijst echter nog steeds ruim aan met 7.772 aankopen. Volgens cijfers van Sonneil legden de Belgen beslag op 4.505 woningen.
Het draait niet alleen om de levensstijl, zo blijkt uit berichtgeving van het nieuwsmedium Infobae. Spanje wordt door velen ook gezien als een veilige investering. In vergelijking met de prijzen in eigen land oogt de Spaanse vastgoedmarkt nog altijd stabiel en aantrekkelijk. Ondanks dat de prijzen ook in Spanje omhooggaan, vinden veel kopers het de moeite waard om de knoop door te hakken.
Deze prijsontwikkeling zorgt helaas ook voor druk op de lokale bevolking. Voor Spanjaarden zelf wordt het in bepaalde provincies steeds moeilijker om een betaalbaar huis te bemachtigen. Vooral in de populaire toeristische trekpleisters wordt de markt gedomineerd door kapitaalkrachtige buitenlanders. Dit wakkert het debat aan, zowel in de politiek als bij het grote publiek.
Aan de andere kant is de buitenlandse vraag een enorme steun in de rug voor de Spaanse economie. Sectoren zoals de bouw en makelaardij varen er wel bij. Ook de lokale middenstand plukt de vruchten van de nieuwe bewoners, die regelmatig langskomen en hun geld uitgeven in plaatselijke winkels en horeca.
Toch zijn er kritische geluiden over de houdbaarheid van deze trend op de lange termijn. De markt zou zomaar kunnen afkoelen als de economie hapert of de wisselkoersen veranderen. Hoewel daar op dit moment nog geen sprake van is, blijft het een onzekere factor voor de toekomst.
Eén ding staat vast: de aantrekkingskracht van Spanje is onverminderd groot. De combinatie van zon, ruimte en de nog altijd redelijke prijzen blijft mensen trekken. Zolang die situatie niet verandert, zal de druk op de meest gewilde plekken voorlopig groot blijven.
