Huis in Spanje blijft fors goedkoper dan in Nederland en België
Een gemiddelde woning is in Nederland 439.000 euro waard, in België 359.000 euro en in Spanje rond 276.000 euro. Toch stijgen de Spaanse prijzen het hardst.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maakte deze maand bekend dat de gemiddelde WOZ-waarde van een Nederlandse woning in 2026 is gestegen naar 439.000 euro. Dat is 10 procent meer dan een jaar eerder, toen de waarde nog op 398.000 euro lag. Gemeenten gebruiken die waarde om belastingen zoals de onroerendezaakbelasting te bepalen.
Voor Nederlanders en Belgen die met een zonnige toekomst in Spanje liefkozen, is vooral de vergelijking interessant. Want hoeveel kost een huis aan de Spaanse kust nog ten opzichte van thuis? De cijfers laten zien dat het prijsverschil groot blijft, maar dat het in een stevig tempo kleiner wordt.
Wat zegt de nieuwe WOZ-waarde over de Nederlandse markt?
De WOZ-waarde volgt de marktprijs met een jaar vertraging. De waarde van 2026 is gebaseerd op de situatie op 1 januari 2025. De verschillen binnen Nederland zijn fors. Utrecht is met gemiddeld 534.000 euro de duurste provincie, terwijl een woning in Heerlen gemiddeld 238.000 euro waard is. In het dorp Laren loopt de gemiddelde waarde zelfs op tot 993.000 euro.
Hoe verhoudt België zich tot Nederland?
In België ligt het gemiddelde een stuk lager. Een woning kost daar in 2026 naar verwachting rond 359.000 euro, na een prijs van bijna 347.000 euro in 2025. De stijging blijft met zo’n 3,5 procent veel gematigder dan de Nederlandse. Wel zijn er grote regionale verschillen: in Vlaanderen kost een huis gemiddeld bijna 390.000 euro, terwijl je in Brussel al snel richting de 600.000 euro gaat.
Waarom is een woning in Spanje nog altijd goedkoper?
Een gemiddelde Spaanse woning blijft beter betaalbaar dan een Nederlandse of Belgische. In mei zakte de gemiddelde koopsom van een woning met hypotheek naar 276.000 euro, tegenover 309.000 euro in april. Spanjaarden kopen sinds dit voorjaar bewust goedkopere huizen, een teken van meer voorzichtigheid op de markt.
Per vierkante meter betaal je voor een bestaande woning gemiddeld 2.795 euro, blijkt uit cijfers van vastgoedplatform Idealista. Een appartement van 90 vierkante meter komt daarmee al snel onder de 250.000 euro uit. En wie écht op een budget let, vindt nog vier provincies waar een huis onder de 100.000 euro kost, allemaal in het binnenland.
Maar hoe lang houdt dat prijsverschil stand?
Het gat sluit zich sneller dan veel kopers denken. De Spaanse prijzen voor bestaande woningen stegen het afgelopen jaar met bijna 17 procent, en in 2025 met ruim 20 procent. Daarmee stijgen ze meer dan twee keer zo hard als het Europese gemiddelde. Terwijl de Nederlandse WOZ met 10 procent toenam, ligt de Spaanse groei dus duidelijk hoger.
Ondanks overheidsmaatregelen om de prijzen te beteugelen, werd wonen in Spanje begin 2026 opnieuw flink duurder. Het tekort aan nieuwbouw houdt de druk hoog, vooral in de grote steden en aan de kust. Het idee van een nieuwe burbuja inmobiliaria (vastgoedzeepbel) speelt op de achtergrond mee.
Wat betekent dit voor Nederlanders en Belgen in Spanje?
De nationale gemiddelden vertellen maar een deel van het verhaal. Juist de gebieden die Nederlanders en Belgen het liefst opzoeken, zijn flink duurder dan het landelijke gemiddelde. Op de Balearen passeert de prijs per vierkante meter de 5.000 euro, en aan de Costa Blanca liggen vier kustplaatsen in de Marina Alta waar villa’s rond een miljoen euro kosten.
Wie met een Nederlands of Belgisch budget naar Spanje kijkt, koopt dus nog steeds meer huis voor zijn geld dan thuis. Maar dat voordeel slinkt elk jaar, en het binnenland biedt inmiddels de scherpste prijzen.
Blijf SpanjeVandaag volgen! Vond je dit een interessant artikel? Voeg ons toe als voorkeursbron op Google Nieuws, meld je aan voor de dagelijkse nieuwsbrief of volg ons op WhatsApp and Facebook. Zo mis je nooit de belangrijkste updates uit jouw favoriete regio in Spanje.